• Auteur: Annelie de Jonge
  • 27 mei 2026

Allergie bij honden: symptomen, oorzaken en mogelijke behandelingen

Huidklachten zoals jeuk, rode plekken en terugkerende oorontstekingen komen regelmatig voor bij honden. Deze klachten kunnen door allerlei factoren veroorzaakt worden, ze zouden bijvoorbeeld kunnen wijzen op een allergie. In de praktijk wordt er in zulke gevallen al snel gedacht aan voedselallergie, maar wist je dat een echte voedselallergie relatief zeldzaam is? Ook factoren uit de omgeving, zoals pollen, huisstofmijt of vlooien kunnen een belangrijke rol spelen. Juist daarom is het belangrijk om signalen op tijd te herkennen en goed te onderzoeken waar de klachten vandaan komen. Op deze pagina lees je hoe je een allergie bij je hond kunt herkennen, welke soorten allergieën er bestaan en wat je kunt doen om de klachten te verminderen. Van voedselallergieën tot omgevingsallergieën: we leggen uit waar je op moet letten en welke behandelingen mogelijk zijn.

Wat is een allergie bij een hond?

Bij een allergie reageert het afweersysteem van een hond te heftig op iets dat meestal onschuldig is. Denk aan pollen, huisstofmijt of een ingrediënt in de voeding. Daardoor krijgt een hond vaak last van jeuk en problemen met de huid.

Verklein de kans op allergieën vanaf jongs af aan

In de eerste levensfase zijn pups afhankelijk van antistoffen van de moeder, een gezonde darmontwikkeling en vroege blootstelling aan bacteriën. Deze factoren ondersteunen samen de opbouw van het immuunsysteem en dragen bij aan een kleinere kans op allergieën op latere leeftijd. Onderzoek laat zien dat vroege blootstelling aan rauwe pens en orgaanvlees, vooral bij puppy’s tussen de leeftijd van 2 en 6 maanden, juist helpt bij het opbouwen van een sterke orale tolerantie. Hierdoor lijkt de kans op allergieën op latere leeftijd kleiner te worden. Farm Food Fresh Rundvlees Compleet en Farm Food Fresh Pens & Hart Compleet bevatten zowel rauwe (vuile) pens als organen. Daardoor is Fresh ideaal voor opgroeiende pups en ondersteunt het juist in deze belangrijke fase de verdere ontwikkeling van het afweersysteem. Lees hier meer over onder het kopje: “Hoe werkt het afweersysteem van een hond?”

De drie meest voorkomende allergieën bij honden

De drie bekendste allergieën bij honden zijn vlooienallergie, atopische dermatitis en voedselallergie.

  • Vlooienallergie: Je hond reageert op vlooienspeeksel. Soms is één beet van een vlo al genoeg om heftige jeuk te veroorzaken. Honden met atopie zijn hier extra gevoelig voor.
  • Omgevingsallergie (atopie/ atopische dermatitis): Een reactie op dingen uit de omgeving, zoals huisstofmijt, pollen of schimmels. Deze vorm veroorzaakt vaak chronische jeuk en huidproblemen.
  • Voedselallergie: Een reactie op bepaalde eiwitten of ingrediënten in de voeding. Voedselallergie wordt regelmatig verward met voedselintolerantie, terwijl er alleen bij een echte allergie daadwerkelijk een reactie van het immuunsysteem plaatsvindt.

Lees hier meer over onder het kopje: “Hoe ga je om met de verschillende allergieën?”

Symptomen bij honden met allergieën

De symptomen van verschillende allergieën lijken sterk op elkaar, waardoor de diagnose complex is.

  • Huidklachten: Extreme jeuk (pruritus) is het belangrijkste kenmerk. Dit uit zich door krabben, bijten en likken, vaak aan poten, snuit, oren, liezen en oksels. De huid kan rood worden, schilferen of verdikken (olifantenhuid).
  • Oorproblemen: Ongeveer de helft van de honden met atopische huidontsteking of voedselallergie heeft oorontsteking (otitis externa), soms zelfs als enige symptoom.
  • Maagdarmklachten: Vooral bij voedselallergieën treden braken, chronische diarree, flatulentie (winderigheid) en verhoogde ontlastingsfrequentie op.

Herken je deze klachten bij jouw hond? Onze voedingsdeskundige geeft gratis advies en kijkt graag met je mee. Bel 0548 22 72 92 of ga naar: Voedingsadvies | Farm Food

Hoe ontstaat een allergie?

Een allergie ontstaat wanneer het immuunsysteem te heftig reageert op een stof die normaal onschuldig is, zoals pollen, voeding of vlooienspeeksel. Het lichaam ziet deze stoffen als een bedreiging en activeert een afweerreactie. Daarbij spelen IgE-antistoffen een belangrijke rol. Deze antistoffen hechten zich aan speciale afweercellen, de mestcellen. Komt de hond later opnieuw in contact met hetzelfde allergeen, dan “springen” deze mestcellen open en komen stoffen zoals histamine vrij. Dat veroorzaakt de bekende klachten zoals jeuk, roodheid en ontstekingen. Je kunt het vergelijken met een alarmsysteem dat veel te snel afgaat. Bij een gezond immuunsysteem blijft dit systeem in balans. Speciale regulerende afweercellen zorgen ervoor dat ontstekingen weer worden afgeremd. Bij allergische honden werkt die balans minder

Hoe werkt het immuunsysteem van een hond

Het afweersysteem (of immuunsysteem) van een hond is een complex netwerk, die het lichaam beschermt tegen ziekteverwekkers zoals virussen en bacteriën. Je kunt het vergelijken met een beveiligingssysteem dat continu controleert wat wel en niet veilig is.
Het systeem werkt met immuuncellen en afweerstoffen (antistoffen) die samenwerken om indringers onschadelijk te maken. Normaal gesproken reageert het alleen op stoffen die echt gevaarlijk zijn (antigenen) en blijft het rustig bij onschuldige prikkels.  Als het echt gevaarlijk is, maakt het lichaam afweerstoffen aan en ruimt alles op. Bij een allergie gaat dat mis. Hier slaat het alarm óók aan bij stoffen die eigenlijk geen gevaar vormen, zoals pollen of bepaalde ingrediënten in voeding. Er wordt heftig gereageerd op een onschadelijke stof, dan spreken we van een allergie.

De belangrijkste onderdelen

Het afweersysteem van een hond bevindt zich niet op één plek, maar is verspreid over het hele lichaam, met twee zeer belangrijke “hoofdkwartieren”:

  • De huid: De huid is de eerste grote verdedigingslinie van het lichaam. In de huid zitten speciale cellen (Langerhanscellen) die als een soort “bewakers” fungerenen indringers rapporteren aan de rest van het immuunsysteem.
  • De darmen (70% van de afweer): Ongeveer 70% tot 80% van het immuunsysteem van de hond bevindt zich in de darmen. In de darmwand zit speciaal weefsel (GALT) dat voortdurend controleert wat er via het eten binnenkomt.

Tolerantie opbouwen bij puppy’s

Een pup wordt niet geboren met een kant-en-klaar afweersysteem. Het lichaam moet nog leren waar hij wél en niet op hoeft te reageren, dat heet tolerantie. Deze ontwikkeling van het afweersysteem begint bij de pup in verschillende fases:

  • Invloed van de moeder tijdens de dracht: Het afweersysteem wordt al voor de geboorte beïnvloed, namelijk door de voeding van de moeder. Wanneer de voeding van de drachtige teef wordt verstoord of in onbalans is, dan kan dit leiden tot een verzwakt immuunsysteem bij een pasgeboren pup. Dit verhoogt de kans op gevoeligheid voor chronische ziekten op latere leeftijd.
  • Eerste bacteriën: Het trainen van het afweersysteem begint eigenlijk meteen, zodra een pup door het geboortekanaal komt. Bij de geboorte komt de pup als eerste in contact met bacteriën rond de anus van moeder. Vervolgens verspreidt de moeder deze bacteriën verder door de pups intensief schoon te likken. Deze vroege blootstelling aan goede bacteriën helpt bij de opbouw van een gezonde darmflora en ondersteunt de ontwikkeling van het immuunsysteem. Dit wordt ook wel microbiota genoemd. Dit contact is essentieel voor de afweer (rijping).
  • Opname van antistoffen: Puppy’s worden geboren met een tijdelijk, zeer doorlaatbare darmwand. Hierdoor kunnen antistoffen uit de eerste moedermelk (colostrum) rechtstreeks worden opgenomen in het bloed. Deze antistoffen van de moeder beschermen de pup in de eerste levensweken terwijl het eigen immuunsysteem zich nog verder ontwikkelt.
  • Darmontwikkeling en gewenning aan voeding (orale tolerantie): Dit is het proces waarbij het lichaam leert om niet te reageren op onschadelijke stoffen zoals voeding. Dit begint zich te ontwikkelen vanaf de leeftijd dat een pup langzaam vaste voeding krijgt (afspenen).
  • Darmflora: Steeds meer onderzoek laat zien dat een gevarieerde blootstelling aan natuurlijke voedingsstoffen en micro-organismen op jonge leeftijd belangrijk is voor de ontwikkeling van het afweersysteem. Vooral bij pups van een leeftijd 2 tot 6 maanden leert het immuunsysteem onderscheid maken tussen schadelijke en onschuldige prikkels. In deze periode kan voeding met natuurlijke ingrediënten, zoals rauwe pens en orgaanvlees, bijdragen aan het opbouwen van een sterke orale tolerantie. Hierdoor lijkt de kans op allergieën op latere leeftijd kleiner te worden.

Farm Food Fresh Pens & Hart Compleet (diepvries) en Farm Food Fresh Rundvlees Compleet (diepvries) bevatten rauwe (vuile) pens en organen en leveren daarnaast natuurlijke darmbacteriën. Deze bacteriën spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling van een sterk en rustig afweersysteem. Door contact met natuurlijke bacteriën, bijvoorbeeld via rauwe pens, maken de darmen stoffen aan zoals butyraat. Deze stoffen ondersteunen afweercellen die ontstekingen helpen remmen en voorkomen dat het lichaam overdreven reageert op onschuldige prikkels zoals voeding of pollen. Meer lezen over het opbouwen van de darmflora? Ga dan naar: Darmflora herstellen en opbouwen | Farm Food

Lees het verhaal: Atoptie allergie bij Kira onder controle.
“Al op vrij jonge leeftijd merkten wij dat Kira, onze Duitse Herder, problemen had met haar huid. Na meerdere onderzoeken bij de dierenarts bleek Kira Atopie te hebben, dit is een directe allergie. Het eerste contact met het voedingsteam van Farm Food was snel gelegd waarna het vermoeden kwam dat Kira haar lichaam niet voldoende afweerstoffen zelf aanmaakt. Kira zit weer volop in het haar en is een supermooie en vooral gezonde hond geworden.” Bel ook voor gratis advies 0548 22 72 92 of ga naar: Voedingsadvies | Farm Food

Oorzaken van allergieën bij honden

De precieze oorzaak van allergieën bij honden is niet altijd duidelijk. Meestal ontstaat een allergie door een combinatie van erfelijke aanleg, darmgezondheid, omgeving en invloeden tijdens de eerste levensfase.

Hondenrassen die meer kans maken op een allergie

Sommige hondenrassen hebben meer kans op allergieë, zoals de Boxer, Labrador Retriever en Franse Bulldog. Bij deze honden reageert het afweersysteem sneller overdreven op onschuldige stoffen.

Valse allergie

De term “valse allergieën” wordt in de wetenschappelijke bronnen doorgaans aangeduid als voedselintolerantie. Waar een echte voedselallergie een reactie van het immuunsysteem is (meestal via IgE-antistoffen), is een intolerantie een niet-immunologische reactie die vaak dezelfde uiterlijke symptomen geeft, zoals jeuk en darmklachten. Op basis van de bronnen kunnen we de wijze waarop deze “valse allergieën” of intoleranties ontstaan als volgt verklaren:

Onvolledige eiwitvertering en de darmbarrière 

De vertering speelt een cruciale rol in het voorkomen van allergische reacties. Wanneer eiwitten volledig worden afgebroken tot vrije aminozuren, zijn ze nauwelijks nog in staat om een reactie uit te lokken.

  • Grote moleculen: Bij een onvolledige vertering blijven er grotere eiwitfragmenten (polypeptiden) over die door het lichaam wél als “indringer” herkend kunnen worden.
  • Leaky Gut (Lekkende darm): Als de darmwand beschadigd is, door bijvoorbeeld infecties, medicatie of stress, ontstaat er een verhoogde doorlaatbaarheid. Hierdoor glippen deze onvolledig verteerde moleculen, die normaal gesproken de darmwand niet kunnen passeren, direct de bloedbaan in. Dit activeert het immuunsysteem, wat leidt tot symptomen die sterk lijken op een echte allergie.

Chemische additieven en stapeling

Reacties op voedseladditieven worden in de bronnen expliciet gerangschikt onder de voedselintoleranties.

  • Directe histamine-vrijgave: Stoffen zoals antioxidanten (bijv. BHA/BHT), conserveermiddelen en kleurstoffen (bijv. Azo-kleurstoffen) kunnen direct leiden tot het vrijkomen van histamine uit witte bloedcellen, zonder dat het immuunsysteem er specifiek bij betrokken is.
  • Geen voorafgaande sensibilisatie: In tegenstelling tot echte allergieën, waarbij de hond eerst gevoelig moet worden voor een stof, kan een reactie op toevoegingen (additieven) al optreden bij de eerste blootstelling.

Moderne productietechnieken en hittebehandeling

Het proces van het maken van een brok met hoge temperaturen en druk kan de structuur van de voeding blijvend veranderen:

  • Maillard-reactie: Zodra voeding aan hoge temperaturen wordt blootgesteld, vindt de Maillard-reactie Deze verbindingen zijn moeilijker verteerbaar en kunnen nieuwe antigenen creëren, zogenaamde neoallergenen, waar het lichaam heftiger op reageert dan op onbewerkt voedsel.
  • Verandering van vetten: De bronnen bevestigen dat de aard van vetten kan veranderen door verwerking. Bovendien kan een dieet dat te rijk is aan omega-6 vetzuren (uit plantaardige oliën) een ontstekingsbevorderende toestand creëren die de drempel voor allergische reacties verlaagt.

Verstoring van de darmflora (Dysbiose)

Een gezonde darmflora (microbioom) is essentieel voor de regulatie van het immuunsysteem en de spijsvertering.

  • Dysbiose als oorzaak: Een verstoring van de darmflora (dysbiose) wordt steeds vaker in verband gebracht met voedselintolerantie. Normaal helpen darmbacteriën bij de vertering en beschermen zij de darmwand. Bij een verstoorde balans kan dit misgaan. Onverteerde voedingsstoffen kunnen fermenteren, er kunnen voedingstekorten ontstaan en dankzij leaky gut kunnen bacteriële producten en grotere eiwitfragmenten het lichaam binnendringen. Dit kan huid- en darmklachten veroorzaken die sterk op een allergie lijken.

Symptomen: Een verstoorde flora uit zich vaak in gasvorming, winderigheid en wisselende ontlasting, wat volgens de bronnen vaak de basis legt voor latere allergische klachten

Wolf versus hond, een evolutionaire kanttekening

Hoewel honden genetisch sterk lijken op de wolf, zijn er belangrijke verschillen ontstaan door domesticatie. Onderzoek toont aan dat honden in vergelijking met wolven tot 7,4 keer meer amylase produceren, een enzym dat nodig is om zetmeel (koolhydraten) te verteren. Daardoor kunnen honden zetmeelrijke voeding beter benutten dan hun voorouder, de wolf.

Toch lijkt hun immuunsysteem in de huidige leefomgeving gevoeliger te zijn geworden voor overreacties. Dit hangt mogelijk samen met het feit dat veel honden, in tegenstelling tot hun voorouders, tegenwoordig in een relatief steriele omgeving leven en minder in contact komen met natuurlijke bacteriën en andere micro-organismen. Pups die opgroeien in een minder steriele omgeving, veel buiten komen en contact hebben met verschillende micro-organismen lijken minder kans te hebben op allergieën later in het leven.

Meer weten over de evolutie van wolf naar hond, het ontstaan van rassen door selectie, en wat dat betekent voor gedrag en verzorging van honden? Lees dan meer op: Van wolf tot Hond | Farm Food.

Het verschil tussen een allergie en een intolerantie

Bij een voedselallergie ziet het afweersysteem een normaal onderdeel van de voeding als een gevaar. Het lichaam reageert daardoor snel en heftig. Soms is een heel klein beetje van het ingrediënt al genoeg om klachten te geven. Een voedselallergie blijft meestal levenslang aanwezig. Daarom is het belangrijk om dat ingrediënt volledig te vermijden. Bij een voedselintolerantie werkt het anders. Daarbij ligt het probleem meestal niet direct bij het afweersysteem, maar bij de vertering van voeding. De hond kan bepaalde voedingsstoffen minder goed verdragen. Vaak ontstaan klachten pas wanneer de hond ergens meer van binnenkrijgt. Kleine hoeveelheden gaan soms nog goed. Toch kan een verstoorde darmflora of beschadigde darmwand het afweersysteem wel licht prikkelen. Het lichaam reageert dan toch een beetje, maar dit is niet dezelfde sterke en gerichte afweerreactie als bij een echte allergie. Een intolerantie kan soms verbeteren wanneer de darmgezondheid weer beter wordt.

Denk jij aan een allergie of intolerantie bij jouw hond? Neem dan contact op met onze voedingsdeskundige. Samen met onze voedingsdeskundige bepalen jullie of het een allergie of intolerantie is. Bij ons staat de gezondheid van je hond altijd voorop. Daarom bieden we gratis voedingsadvies aan. Ga naar: Voedingsadvies | Farm Food of bel 0548 22 72 92

Het vaststellen van een diagnose bij allergieën

Een allergie vaststellen is vaak ingewikkeld. Er bestaat geen simpele test die alle vormen van allergie betrouwbaar kan aantonen. Daarom is een systematische aanpak belangrijk:

  • Eliminatiedieet: Voor voedselallergie geldt dit als de ‘gouden standaard’. De hond krijgt 6 tot 12 weken een dieet met een nieuwe eiwitbron of gehydrolyseerde eiwitten. Verbeteren de klachten, dan wordt daarna stap voor stap getest welke ingrediënten problemen geven of wordt de oude voeding opnieuw geïntroduceerd. Bij het herintroduceren van de oude voeding blijft het vaak onduidelijk welk specifiek bestanddeel uit de voeding verantwoordelijk is en of er sprake is van een allergie of intolerantie.
  • Allergietesten: Huid- en bloedtesten zijn vooral zinvol bij atopie voor het bepalen van omgevingsallergenen, zodat een gerichte behandeling gestart kan worden. Voor voedselallergie zijn deze testen onbetrouwbaar.
  • Vermijden van allergenen: De meest effectieve aanpak is het strikt vermijden van de stoffen die klachten veroorzaken (bijvoorbeeld pollen of bepaalde ingrediënten). In de praktijk is dit echter lastig.
  • Medicatie: Middelen zoals oclacitinib (Apoquel), cyclosporine of lokivetmab (Cytopoint) onderdrukken effectief jeuk en ontsteking, maar nemen de oorzaak niet weg.
  • Immunotherapie (ASIT): De hond krijgt langdurig kleine hoeveelheden van het allergeen toegediend om het immuunsysteem minder gevoelig te maken. Dit werkt bij circa 70-75% van de honden.
  • Ondersteuning van de darmflora: Probiotica en specifieke voedingsstoffen kunnen helpen de darmbarrière te herstellen en de allergische druk verminderen.

Wil je meer weten over wat darmflora is, hoe belangrijk het is voor de gezondheid van honden, hoe het ontstaat en hoe je het in balans houdt of herstelt? Ga dan naar: Probiotica en gezonde darmflora opbouw bij honden | Farm Food

Hoe vaak komt allergie bij honden voor?

De prevalentie varieert per type allergie en populatie, maar naar schatting heeft 3% tot 15% van de honden een allergie.

  • Vlooienallergie is één van de meest voorkomende allergische huidaandoeningen.
  • Atopische dermatitis komt voor bij maximaal 10% tot 15% van de hondenpopulatie.
  • Voedselallergie: Hoewel veel honden klachten laten zien die lijken op een allergie, is een echte voedselallergie zeldzamer dan vaak wordt gedacht. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat slechts 1 tot 2% van alle honden daadwerkelijk een voedselallergie heeft. Daarom is het belangrijk om eerst goed te onderzoeken waar de klachten vandaan komen, voordat er gesproken wordt van een voedselallergie. Het kan namelijk ook een valse allergie zijn. Meer lezen over voedselallergieën? Ga dan naar: Help, mijn hond heeft een voedselallergie | Farm Food

Hoe ga je om met de verschillende allergieën?

Bij verschillende allergieën hoort ook een eigen aanpak. In onderstaande onderdelen lees je meer over de behandeling van voedselallergie, atopie en vlooienallergie en welke rol voeding, huid, darmen en weerstand hierbij spelen.

Vlooienallergie bij honden herkennen en behandelen

Hoe ontstaat Flea Allergy Dermatitis (FAD)?

Een vlooienallergie (Flea Allergy Dermatitis of FAD) ontstaat doordat het immuunsysteem overdreven sterk reageert op eiwitten in het speeksel van de vlo. Hierdoor kunnen al na één enkele vlooienbeet hevige jeuk, roodheid en ontstekingsreacties ontstaan.

De relatie tussen vlooienallergie en andere allergieën

Vlooien kunnen daarnaast de gevoeligheid voor andere allergische prikkels vergroten. Honden met atopische dermatitis of voedselallergieën hebben vaak al een gevoelig immuunsysteem, waardoor vlooienbeten extra huidklachten kunnen uitlokken. Door het hevige krabben raakt de huid beschadigd en krijgen bacteriën en gisten meer kans om infecties te veroorzaken. Dit versterkt de ontsteking en maakt de huid nog gevoeliger.

Behandeling van vlooienallergie bij honden

De behandeling van een vlooienallergie richt zich daarom op het zo veel mogelijk voorkomen van contact met vlooienspeeksel. Een strikt vlooiencontroleprogramma is hierbij essentieel. Honden met een vlooienallergie moeten het hele jaar door behandeld worden met effectieve vlooienbestrijdingsmiddelen. Ook alle andere huisdieren in het huishouden moeten gelijktijdig behandeld worden om (her)besmetting te voorkomen.

Behandeling van de leefomgeving

Daarnaast is een goede behandeling van de leefomgeving belangrijk, omdat een groot deel van de vlooienpopulatie zich in de omgeving bevindt in de vorm van eitjes, popjes en larven. Regelmatig stofzuigen, vooral langs naden, kieren en plinten, helpt hierbij. Het beperken van tapijten en kleden kan de ontwikkeling van vlooien eveneens verminderen.
Een goede vlooienbestrijding is daarom niet alleen belangrijk om vlooien te voorkomen, maar ook om de huidbarrière en het immuunsysteem zo rustig mogelijk te houden.

Atopie bij honden: oorzaken en behandeling

Wat is atopische dermatitis bij honden?

Atopische dermatitis (AD), vaak simpelweg atopie genoemd, is een chronische allergische huidaandoening waarbij het afweersysteem overdreven reageert op onschuldige stoffen uit de omgeving, zoals pollen of huisstofmijt. De behandeling is meestal levenslang en richt zich op het verminderen van jeuk, het herstellen van de huidbarrière en het ondersteunen van het immuunsysteem.

Verzwakte huidbarrière en infecties

Bij atopische honden is niet alleen het immuunsysteem gevoeliger, maar ook de huidbarrière vaak verzwakt. Hierdoor kunnen allergenen gemakkelijker via de huid binnendringen en ontstekingen veroorzaken. Door het krabben raakt de huid verder beschadigd, waardoor bacteriën en gisten zoals Staphylokokken en Malassezia meer kans krijgen om infecties te veroorzaken. Dit kan de klachten verder verergeren.

De rol van het immuunsysteem en de darmgezondheid

Een belangrijk onderdeel van de weerstand is immunologische tolerantie: het vermogen van het lichaam om onschuldige stoffen niet aan te vallen. Ongeveer 70% tot 80% van het immuunsysteem bevindt zich in de darmen. Een gezonde darmflora speelt daarom een belangrijke rol bij het ondersteunen van een evenwichtig afweersysteem. Gunstige darmbacteriën produceren onder andere korteketenvetzuren zoals butyraat, die helpen ontstekingen te remmen en regulatoire afweercellen ondersteunen.

Medicatie en immunotherapie bij atopie

De behandeling van atopie bestaat vaak uit een combinatie van maatregelen. Medicatie zoals oclacitinib (Apoquel), lokivetmab (Cytopoint), ciclosporine of tijdelijk corticosteroïden kan helpen om jeuk en ontstekingen te verminderen. Daarnaast kan allergeen-specifieke immunotherapie (ASIT) worden ingezet om het immuunsysteem geleidelijk toleranter te maken voor bepaalde allergenen.

Ondersteuning van huidbarrière en darmflora

Ook ondersteuning van de huidbarrière en darmgezondheid is belangrijk. Omega-3- en Omega-6-vetzuren helpen de huidconditie verbeteren, terwijl probiotica de darmflora en de darm-huid-as kunnen ondersteunen. Regelmatig wassen met een milde hondenshampoo kan helpen om allergenen zoals pollen van de huid te verwijderen. Overigens kan te veel wassen ook de huidflora negatief beïnvloeden.

Factoren die atopie kunnen verergeren

De ernst van atopie wordt vaak beïnvloed door meerdere factoren tegelijk. Slechte voeding, stress, infecties of parasieten zoals vlooien kunnen de gevoeligheid verder vergroten en ervoor zorgen dat een hond sneller klachten ontwikkelt. Daarom richt een goede behandeling zich niet alleen op symptoombestrijding, maar ook op het versterken van de huidbarrière, darmgezondheid en algehele weerstand.

Voedingsadvies bij een allergie of intolerantie (valse allergie)

Voedselallergie: strikt vermijden van allergenen

De enige juiste aanpak bij een echte voedselallergie is om de ingrediënten die een allergische reacties veroorzaken volledig te vermijden (ook wel eliminatiedieet genoemd). Dit geldt niet alleen voor de dagelijkse maaltijden van je hond, maar ook voor snacks, kluifjes, tafelrestjes en zelfs medicijnen of supplementen met smaak- en/of hulpstoffen.

Meestal is de verwachting erg positief, zolang het dieet echt strikt gevolgd wordt. Let op: na een paar jaar kan er een nieuwe allergie ontstaan voor de eiwitten in de voeding die ze nu krijgen.

Het belang van een goede diagnose

Diagnose blijft belangrijk. Het vaststellen van een voedselallergie of voedselintolerantie blijft in de praktijk lastig. Zelfs wanneer een hond opknapt tijdens een eliminatiedieet, is het vaak moeilijk om precies te bepalen welk bestanddeel de klachten veroorzaakt.

Aanpak bij voedselintolerantie

Bij een voedselintolerantie ligt de aanpak net iets anders. Wanneer er sprake is van een enzymtekort of een andere vorm van verminderde vertering, kan het beperken van een bepaald voedingsbestanddeel onder een bepaalde hoeveelheid al verbetering geven. Grote hoeveelheden van dit bestanddeel moeten dan worden vermeden. Veroorzaken zelfs kleine hoeveelheden klachten, dan is het beter om het volledig weg te laten.

Dysbiose en darmgezondheid

Wanneer een voedselintolerantie (mede) voortkomt uit dysbiose, een verstoring van de darmflora, is er in onze ervaring vaak wel verbetering mogelijk met een passend voedingsadvies en ondersteuning van de darmgezondheid. De focus ligt hierbij op het herstellen van de darmflora. Door de darmflora weer in balans te brengen, kan de darmwand zich beter herstellen en minder onverteerde stoffen doorlaten. Daarnaast produceren gunstige darmbacteriën korteketenvetzuren, die de darmcellen voeden en helpen ontstekingen te verminderen.

Waarom een gezonde darmflora zo belangrijk is

De darmflora is belangrijk voor een goede opname en verteerbaarheid van voeding, speelt een rol bij de hormoonhuishouding, zorgt voor weerstand en helpt de lever met ontgiften etc. Daarnaast zijn alle brokken steriel en bouwt daardoor nagenoeg geen darmflora op. Daarom is het van het grootste belang om te beginnen met de darmflora van uw hond op een stabiel, evenwichtig peil te brengen.

De darmflora in balans brengen

Dit kan gerealiseerd worden door de hond 14-21 dagen Farm Food Fresh Pens & Hart Compleet (diepvries) te geven en mogelijk langer als het nodig blijkt te zijn. Het is van belang dat het verse vlees ontdooid wordt in de koelkast en even voor de maaltijd buiten de koelkast op kamertemperatuur komt en niet wordt ontdooid in de magnetron. De goede bacteriën blijven op deze manier behouden, deze zorgen voor de wederopbouw van de darmflora.

Huidproblemen en/of diarreeverschijnselen

Wanneer de huidproblemen gepaard gaan met ernstige diarreeverschijnselen wordt er de eerste 2-3 dagen vers vlees aangeboden dat 2-3 seconden ondergedompeld is geweest in een vergiet in heet water, daarna kan het rauw gegeven worden.

Na deze 14 -21 dagen (als de ontlasting goed is)  kan er langzaam worden overgaan op Farm Food HE brokken door de hoeveelheid Farm Food Fresh Pens & Hart Compleet (diepvries) te verminderen en de HE brokken te vermeerderen (50 gram Farm Food Fresh Pens en Hart Compleet komt overeen met 25 gram HE brokken). Daarnaast adviseren wij om naast de Farm Food HE, 2 dagen per week Farm Food Fresh Pens en Hart Compleet te blijven geven om de darmflora op peil te houden.

Het is belangrijk om te weten dat honden met darmklachten vaak sneller verbetering laten zien dan honden met huidproblemen. Bij darmklachten kan binnen enkele dagen verschil merkbaar zijn, terwijl herstel van de huid meestal meer tijd nodig heeft. In de praktijk duurt dit vaak enkele weken en soms maanden.

Welke voeding vermijden

Om zeker te zijn dat de hond geen aangetaste of getransformeerde ingrediënten binnenkrijgt, kunnen gebakken producten en snacks zoals bullenpezen, varkensoren e.d. beter vermeden worden.

De huidklachten lijken te verergeren

Bij honden met huidklachten kan het soms lijken alsof de klachten in het begin van het optimaliseren van de darmflora tijdelijk erger worden. Dit wordt ook wel een ‘homeopathische reactie’ genoemd. Volgens onze ervaringen uit de praktijk heeft het lichaam soms eerst tijd nodig om afvalstoffen af te voeren en weer in balans te komen voordat herstel zichtbaar wordt.

Bij twijfel, langdurige klachten of wanneer je hond een speciale dieetvoeding krijgt, is begeleiding door onze voedingsdeskundige aan te raden. Zij helpen je bij al je vragen en kijken gratis met je mee. Ga naar: Voedingsadvies | Farm Food of bel 0548 22 72 92.

Bronnenlijst

  • Arndt Small Animal Clinic. (z.d.). Gut and skin diseases: The role of the gut in managing your dog’s chronic skin diseases.
  • Axelsson, E., Ratnakumar, A., Arendt, M. L., Maqbool, K., Webster, M. T., Perloski, M., et al. (2013). The genomic signature of dog domestication reveals adaptation to a starch-rich diet. Nature, 495(7441), 360–364.
  • Beynen, A. C. (2015). Hypoallergenic dog foods: Supply and demand overwhelm need. All About Feed, 23(9), 34.
  • Bizikova, P., Pucheu-Haston, C. M., Eisenschenk, M. N., Marsella, R., Nuttall, T., & Santoro, D. (2015). Review: Role of genetics and the environment in the pathogenesis of canine atopic dermatitis. Veterinary Dermatology, 26(2), 95–e26.
  • Bobiotics. (2025). Darmklachten en jeuk bij honden: symptomen, oorzaken en herstel.
  • Dogli. (z.d.). Jeuk en allergie bij honden: de rol van de darmflora.
  • Hemida, M., Vuori, K. A., Salin, S., Moore, R., Anturaniemi, J., & Hielm-Björkman, A. (2020). Identification of modifiable pre- and postnatal dietary and environmental exposures associated with owner-reported canine atopic dermatitis in Finland using a web-based questionnaire. PLOS ONE, 15(5), e0225675.
  • Hemida, M. B. M., Salin, S., Vuori, K. A., Moore, R., Anturaniemi, J., Rosendahl, S., et al. (2021). Puppyhood diet as a factor in the development of owner-reported allergy/atopy skin signs in adult dogs in Finland. Journal of Veterinary Internal Medicine, 35(5), 2374–2383.
  • Jackson, H. A. (2022). Food allergy in dogs and cats: Current perspectives on etiology, diagnosis and management. Journal of the American Veterinary Medical Association.
  • Janssens, S., Dupont, S., & Hesta, M. (2016). Voedselallergie: een kwelling voor mens en dier. Vlaams Diergeneeskundig Tijdschrift, 85(4), 181–189.
  • Maina, E. (2018). New insights into the pathogenesis and therapy of adverse food reactions in dogs (Doctoraal proefschrift, Universiteit Gent).
  • Mandigers, P. J. J., & German, A. J. (2010). Dietary hypersensitivity in cats and dogs. Tijdschrift voor Diergeneeskunde, 135(19), 706–710.
  • Marsella, R. (2021). Atopic dermatitis in domestic animals: What our current understanding is and how this applies to clinical practice. Veterinary Sciences, 8(7), 124.
  • O’Neill, D. G., James, H., Church, D. B., Brodbelt, D. C., & Pegram, C. (2021). Prevalence of commonly diagnosed disorders in UK dogs under primary veterinary care. Canine Medicine and Genetics, 8(1), 1.
  • Ok, M. (2024). Can atopic dermatitis in dogs be associated with intestinal inflammation? Longdom Publishing.
  • Olivry, T., & Mueller, R. S. (2017). Critically appraised topic on adverse food reactions of companion animals (3): Prevalence of cutaneous adverse food reactions in dogs and cats. BMC Veterinary Research, 13(1), 51.
  • Pilla, R., & Suchodolski, J. S. (2020). The role of the canine gut microbiome and metabolome in health and gastrointestinal disease. Frontiers in Veterinary Science, 6, 498.
  • Purchiaroni, F., Tortora, A., Gabrielli, M., Bertucci, F., Gigante, G., Ianiro, G., et al. (2013). The role of intestinal microbiota and the immune system. European Review for Medical and Pharmacological Sciences, 17(3), 323–333.
  • Roudebush, P., Guilford, W. G., & Shanley, K. J. (2000). Adverse reactions to food. In M. S. Hand, C. D. Thatcher, R. L. Remillard, & P. Roudebush (Red.), Small Animal Clinical Nutrition (4e ed., pp. 431–453). Mark Morris Institute.
  • Samadi, N., Klems, M., & Untersmayr, E. (2018). The role of gastrointestinal permeability in food allergy. Annals of Allergy, Asthma & Immunology, 121(2), 168–173.
  • Stangest. (z.d.). Basic comprehensive protocol: Allergies.
  • Ural, K. (2023). Intestinal integrity assessment with diamine oxidase activity in dogs with atopic dermatitis. International Journal of Veterinary and Animal Research, 6(3), 83–86.
  • Verlinden, A., Hesta, M., Millet, S., & Janssens, G. P. J. (2006). Food allergy in dogs and cats: A review. Critical Reviews in Food Science and Nutrition, 46(3), 259–273.
  • Vetster. (z.d.). Cytopoint vs. Apoquel: Which allergy treatment is right for your dog?
  • Vortman, B. (z.d.). Allergie bij honden.
  • Weir, M., & Barnette, C. (z.d.). Leaky Gut Syndrome in Dogs. VCA Animal Hospitals.
  • Willemse, T. (2009). Atopische dermatitis bij de hond: achtergrond, diagnostiek en behandeling. Nederlands Tijdschrift voor Allergie, 9(2), 43–48.

 

Nederlands