Waarom gebruiken wij geen aardappel als ingrediënt?

Je ziet tegenwoordig steeds meer voeders waar aardappel in is verwerkt als zetmeelbron zodat de claim 'zonder granen' gebruikt kan worden. Aardappelen zijn familie van de nachtschade-planten en bevatten van nature bepaalde giftige stoffen (de glyco alkaloïden Solanine en Chaconine).

Het is algemeen bekend dat het eten van de besjes van de aardappelplant erg schadelijk is voor de gezondheid. De giftige stof in de besjes zit ook in de aardappel zelf (echter in een lager gehalte). Zou je een hond zijn hele leven lang een voer geven met aardappel dan is de kans groot dat de giftige stoffen in het lichaam worden opgeslagen met alle negatieve gevolgen van dien. Glycoalkaloïden hebben de nare eigenschap om onder andere de darmvlokken aan te tasten. Dit komt met name voor bij jongere dieren. De darmvlokken verkleinen en het aantal vermindert. Hierdoor wordt de verteerbaarheid en de opname van het voer aanzienlijk lager en blijft de groei en ontwikkeling van de dieren achter.

Glycoalkaloïden verdwijnen niet als aardappelen worden verhit of gekookt. Dit houdt dus in dat de stoffen tijdens het productieproces van het voer ook niet verdwijnen. Wij mensen krijgen deze stoffen natuurlijk ook binnen als wij aardappelen eten, maar aangezien wij tegenwoordig veel meer afwisseling hebben in ons dieet krijgen we, in verhouding tot de hond wanneer die zijn hele leven lang een voer eet met aardappel, veel minder glycoalkaloïden binnen.

Verder is bekend dat voeders op basis van aardappel aanzienlijk slechter verteerbaar zijn in vergelijking met voeders die mais, tarwe, rijst of sorghum bevatten.

Noot:

Denk er hierbij ook aan dat aardappel, in tegenstelling tot zaden, op geen enkele wijze voorkwam in het menu van de wolf. Muisjes en andere knaagdieren zullen de aardappel vermijden vanwege de giftige stoffen.  Aardappelen deden pas hun intrede in de middeleeuwen (pas omstreeks het jaar 1500). Voor die tijd kwamen ze alleen voor in Zuid-Amerika in het Andesgebergte.